Amerika - Deep South - Virginia - Charlottesville-Monticello
“Al mijn wensen eindigen waar ik hoop dat mijn dagen zullen eindigen: in Monticello.” Zijn hele leven herhaalde Thomas Jefferson deze uitspraak, iedere keer weer als hij gevraagd of gekozen werd voor een hoog ambt. Het was zijn manier om te zeggen: eigenlijk blijf ik liever rustig thuis, omringd door mijn familie en mijn boeken, in het huis dat ik zelf heb ontworpen en gebouwd. Monticello – letterlijk “klein bergje”, ligt op een heuvel ten zuiden van Charlottesville, in het zuidwesten van de staat Virginia, op een paar uur afstand van Washington D.C. Het uitzicht op Charlottesville aan de ene en de Blue Ridge Mountains aan de andere kant, is ook nu nog imponerend genoeg om Jeffersons verlangen naar Monticello te kunnen begrijpen. Maar het ging deze Founding Father om meer dan alleen de mooie omgeving. In zijn kennis en interesses was Jefferson een ware renaissance man en had hij Monticello als meer dan enkel een dag boven zijn hoofd; het huis weerspiegelde ook zijn waarden en belangstelling als politicus, filosoof, architect, botanicus en plantagehouder. Veel van Jeffersons gedachtegoed is blijvend gebleken dat de neoklassieke stijl van Monticello nu geldt als typisch Amerikaans, vertelt iets over zijn invloed.
Het vergde originaliteit en verbeelding, maar vooral doorzettingsvermogen, om rond 1770 in de wildernis van Virginia een huis te bouwen in neoklassieke stijl en toch in harmonie met zijn omgeving. Thomas Jefferson, Amerika's derde president, had al die kwaliteiten in overvloed. Bijna een halve eeuw werkte de staatsman aan zijn droomhuis, onderwijl de Verenigde Staten mede vormgevend. Twee eeuwen later is Monticello een plaats waar, met een beetje van Jeffersons fantasie, de Amerikaanse revolutie valt te proeven.
Een bezoek aan Monticello is een bezoek aan Thomas Jefferson. het huis blijft fascineren: in zijn ingenieuze eenvoud een wonder van goede smaak en vernuft. Fascinerend is vooral de combinatie van het huis met de derde president, die het grootste deel van zijn leven bouwde, afbrak en herbouwde aan dit huis. Als Monticello u bekend voorkomt, althans het profiel ervan, dan klopt dat: het staat op de Amerikaanse quarter. Dat zegt meteen al een hoop over de plaats van Jefferson in het Amerikaanse pantheon van nationale helden.
De laatste jaren worden er wel schoten gelost op de reputatie van Jefferson, over de discrepantie tussen de mooie woorden die hij pende in de Onafhankelijkheidsverklaring en de slaven die hij thuis hield (en zijn maîtresse), over zijn liefde voor Frankrijk en zijn bereidheid het bloedvergieten tijdens de Franse Revolutie door de vingers te zien, en zo zijn er wel meer zaken. De gemiddelde Amerikaan en trouwens ook de meeste historici, trekt zich er weinig van aan. De man blijft een genie, een ware renaissance man. Monticello getuigt daarvan.
“Al mijn wensen eindigen waar ik hoop dat mijn dagen zullen eindigen: in Monticello.” Zijn hele leven herhaalde Thomas Jefferson deze uitspraak, iedere keer weer als hij gevraagd of gekozen werd voor een hoog ambt. Het was zijn manier om te zeggen: eigenlijk blijf ik liever rustig thuis, omringd door mijn familie en mijn boeken, in het huis dat ik zelf heb ontworpen en gebouwd. Monticello – letterlijk “klein bergje”, ligt op een heuvel ten zuiden van Charlottesville, in het zuidwesten van de staat Virginia, op een paar uur afstand van Washington D.C. Het uitzicht op Charlottesville aan de ene en de Blue Ridge Mountains aan de andere kant, is ook nu nog imponerend genoeg om Jeffersons verlangen naar Monticello te kunnen begrijpen. Maar het ging deze Founding Father om meer dan alleen de mooie omgeving. In zijn kennis en interesses was Jefferson een ware renaissance man en had hij Monticello als meer dan enkel een dag boven zijn hoofd; het huis weerspiegelde ook zijn waarden en belangstelling als politicus, filosoof, architect, botanicus en plantagehouder. Veel van Jeffersons gedachtegoed is blijvend gebleken dat de neoklassieke stijl van Monticello nu geldt als typisch Amerikaans, vertelt iets over zijn invloed.
Het vergde originaliteit en verbeelding, maar vooral doorzettingsvermogen, om rond 1770 in de wildernis van Virginia een huis te bouwen in neoklassieke stijl en toch in harmonie met zijn omgeving. Thomas Jefferson, Amerika's derde president, had al die kwaliteiten in overvloed. Bijna een halve eeuw werkte de staatsman aan zijn droomhuis, onderwijl de Verenigde Staten mede vormgevend. Twee eeuwen later is Monticello een plaats waar, met een beetje van Jeffersons fantasie, de Amerikaanse revolutie valt te proeven.
Een bezoek aan Monticello is een bezoek aan Thomas Jefferson. het huis blijft fascineren: in zijn ingenieuze eenvoud een wonder van goede smaak en vernuft. Fascinerend is vooral de combinatie van het huis met de derde president, die het grootste deel van zijn leven bouwde, afbrak en herbouwde aan dit huis. Als Monticello u bekend voorkomt, althans het profiel ervan, dan klopt dat: het staat op de Amerikaanse quarter. Dat zegt meteen al een hoop over de plaats van Jefferson in het Amerikaanse pantheon van nationale helden.
De laatste jaren worden er wel schoten gelost op de reputatie van Jefferson, over de discrepantie tussen de mooie woorden die hij pende in de Onafhankelijkheidsverklaring en de slaven die hij thuis hield (en zijn maîtresse), over zijn liefde voor Frankrijk en zijn bereidheid het bloedvergieten tijdens de Franse Revolutie door de vingers te zien, en zo zijn er wel meer zaken. De gemiddelde Amerikaan en trouwens ook de meeste historici, trekt zich er weinig van aan. De man blijft een genie, een ware renaissance man. Monticello getuigt daarvan.
Het begint al in de hal. Het was de bedoeling dat die een soort overgang vormde tussen binnen en buiten. Er hingen opgezette dieren die onderzoekers Jefferson toestuurden, giften van Indiaanse leiders, kaarten en andere zaken die de brede interesse van de president lieten zien. En er is natuurlijk die klok die hij zelf had ontworpen. De loden ballen aan de zijkant wezen de dagen aan, alleen was de hal niet hoog genoeg, zodat Jefferson een gat in de vloer moest maken voor de laatste dag.
Maar wat het meest opvalt is wat er niet is. Geen grote, brede trap met een bombastische ontvangst. Daarvoor interesseerde de man zich niet. Nee, gewoon een deur links naar zijn werk en slaapvertrek, waar een stukje staat van zijn boekenverzameling. Hij verkocht zijn hele bibliotheek in 1815 aan de Library of Congres die door de Engelsen was platgebrand, en die collectie werd de basis van wat mag gelden als de meest uitgebreide bibliotheek ter wereld. Een mooier eerbetoon aan Jefferson de altijd penetrerende geest, is niet goed denkbaar.
Ook de eetzaal is imponerend, maar, net als het hele huis, toch nog verrassend klein. Op twee meter hoogte staan kleine bustes van belangrijke Amerikanen, mannen als Benjamin Franklin, George Washington en andere grote mannen. Stelt u zich voor hoe die geniale mannen die de Amerikaanse Revolutie maakten hier om de tafel zaten, genietend van een wijntje uit Jeffersons uitstekende voorraad. Bij mooi weer konden ze de slimme ramen openschuiven die Jefferson had ontworpen (drie delen tot aan de vloer waarvan je de onderste twee omhoog kon doen, zodat het eigenlijk open deuren waren) en je ziet ze niet een zwaar diner in de voormiddag rondwandelen op het grasveld. Daar konden ze uitkijken over de heuvels van Virginia en net als Jefferson mijmeren over de kleine boer, de gewone man, die volgens hem de ideale Amerikaan was. Van alle kolonies was Virginia de meest eigen, de meest unieke. En van alle mensen die uit Virginia kwamen was Jefferson de meest unieke, de boven iedereen uittorenende gigant - niet als staatsman, want daar moest hij de eer laten aan George Washington, die we later op onze trip gaan bezoeken, maar als alleskunner, als visionair, als dromer, als filosoof.
Monticello balt dat alles samen in één huis. Het mooiste huis van Amerika. Niet vanwege dat huis op zich, al is dat heel mooi, maar vanwege de uitstraling, de persoon waarmee het vrijwel samenvalt.
Recente restauraties en herstelwerkzaamheden benadrukken die band met de omringende natuur weer meer dan eerdere versies. Men laat nu het gras groeien op de trappen die van de zitkamer naar de tuin leiden. Aan de oostzijde is de witte verf van de pilaren verwijderd; ze zijn weer zandkleurig, net als in Jeffersons plan. In de hal had Jefferson de vloer groen geverfd en een soort tentoonstelling opgezet van Indiaanse artikelen, meegebracht door Lewis en Clark, de twee onderzoekers die hij als president op weg had gestuurd om de doorgang naar het Noordwesten te vinden. Vanwege de huidige herdenking van Jeffersons geboortedag is de hal weer in zijn oude glorie hersteld, en die toont daarmee weer perfect wat Jefferson wilde: een geleidelijke overgang van binnen naar buiten.
Dat is het aardige van Monticello: de frontier, de door Jefferson gewaardeerde wildernis van Virginia, is als het ware opgenomen in zijn Monticello. En aan de andere kant, is Monticello onmiskenbaar deel geworden van het landschap van Virginia.
Een halve dag is te weinig voor Monticello. Helaas gaat veel tijd op aan wachten om naar binnen te komen, want het is behoorlijk populair geworden. Maar neemt u vooral ook de tijd nemen om de werkruimten te verkennen, de slavenkwartieren, de ijskelder en ook wandelen op het landgoed. En vergeet Charlottesville niet. Dit was Jeffersons stad. Hij stichtte er de University of Virginia, waarvoor hij als goed renaissance man ook het gebouw ontwierp, het curriculum schreef en de dagelijkse leiding had. Dit laatste maar kort, want dat was niet iets wat Jefferson graag deed. Maar het gebouw dat is weer typisch Jefferson: een prachtige rotunda, een campus die aan de verre korte zijde open is en waarvan de twee lange zijden van elkaar weglopen om optisch de indruk te krijgen dat ze gelijkop gaan.
Charlottesville is een leuk stadje om te overnachten.
Voor meer informatie over Thomas Jefferson, zie "reisinformatie".
De Jefferson traditie Voor Amerikanen is Thomas Jefferson voor eeuwig het symbool van concepten als vrijheid en democratie. Al als 33-jarige legde hij voor die reputatie de grondslag door in 1776 in Philadelphia de Onafhankelijkheidsverklaring te schrijven met de beginwoorden die sindsdien staan gegrifd in Amerika's collectieve geheugen:
"We hold these truths to be self-evident: that all men are created equal; that they are endowed by their Creator with inherent and inalienable rights; that among these are life, liberty and the pursuit of hapiness;"
Symbool van de democratie De Jefferson-traditie ligt aan de basis van het Amerikaanse progressief denken. Jefferson was degene, zo schreef Charles M. Wiltse in The Jefferson Tradition in American Democracy (1960), 'via wie het politieke liberalisme van enige eeuwen in de Amerikaanse democratische traditie is opgenomen, waar het de Amerikaanse manier van leven beslissend beïnvloedde'. Aan de progressieve uitgangspunten voegde Jefferson zijn eigen variant van agrarisch denken toe, die de superioriteit prees van een zelfvoorzienende, agrarische levenswijze. De onafhankelijke boer werd een symbool voor de Amerikaanse democratie, een beeld dat nog steeds vaak wordt gebruikt.
In de negentiende en ook nog in de twintigste eeuw, stonden Jeffersonse idealen voor verzet tegen het ongebreidelde commerciële en kapitalistische denken van het Noordoosten en Midden-westen. Behalve een overdreven respect voor de agrarische manier van leven, hebben Amerikanen ook andere principes die direct kunnen worden teruggevoerd op de derde president. Hij wordt vaak gevierd, vooral in het Zuiden, als een vijand van federale macht en een voorvechter van de rechten van de individuele staten - een interpretatie van zijn denken die, op zijn zachtst gezegd, valt te betwisten.
Progressieve erfenis Aanhangers van dit aspect van Jeffersons erfenis herinneren aan zijn strijd met Alexander Hamilton, die in het Amerikaanse pantheon van staatslieden geldt als de vertegenwoordiger van de aristocratische traditie en voorvechter van plannen voor industrialisering, nationale banken en tarieven. De progressieve erfenis van Jefferson wordt vaak verbonden via Andrew Jackson, Woodrow Wilson en Frankin Roosevelt tot en met Gary Hart, die zichzelf klassificeerde als een Jefferson-Jackson Democraat.
In The Age of Jackson omschrijft Arthur Schlesinger jr. Jacksonian democratie als 'een hardere en vastbeslotener versie van Jeffersonian democratie' en hij voegde er aan toe dat Democraten geen andere keuze hadden dan de industrialisatie, fabrieken, loonwerk, banken en kapitaal te accepteren, al was dat alles weinig aantrekkelijk voor aanhangers van Jefferson.
Afkeer van slavernij Zuiderlingen pushten rond de Burgeroorlog ook in Jeffersons naam het concept van popular sovereignty, waarin impliciet zat opgenomen het frontier-individualisme, zelfbestuur en lokale controle (bestuur in eigen kring). Het democratisch idealisme van Jefferson en zijn afkeer van slavernij (theoretisch althans, want hij wist dat zijn tijd er nog niet rijp voor was) paste echter steeds minder bij de haatdragende rabiate racistische Democraten. De nieuwe Republikeinse Partij kon zich zonder moeite de toewijding aan mensenrechten, antislavernij en agrarische democratie idealen van Jefferson toeeigenen. Later in de negentiende eeuw waren het de Populisten die de meer radicale variant van Jeffersons democratische idealen benadrukten.
Een nieuw actieplan Als volgens de Amerikaanse overlevering iemand mag gelden als uitvinder van het Amerika zoals we dat kennen, dan is het Thomas Jefferson. Hij verschafte de Amerikanen een grote mate van zelfbewustzijn. In de Onafhankelijkheidsverklaring gaf hij ze een nieuw actieplan. Jefferson was een ontwerper, een hele goede zelfs, zoals in Charlottesville valt te zien. En net als Monticello was de Onafhankelijkheidsverklaring een ontwerp - een praktisch ontwerp, bedoeld om een probleem op te lossen.
Zo werkte Jefferson. En net zomin als de uitvindingen in zijn huis origineel waren (hij had de meeste ideeën in Europa opgedaan), zo was de substantie van de Onafhankelijkheidsverklaring uniek. Jefferson bouwde met wat hij had opgestoken van leermeesters, en maakte produkten die het doel dienden waarvoor ze waren bedoeld.
Tot op de dag van vandaag heeft het aanroepen van Jefferson als patroon zijn waarde. Het was niet voor niets dat Bill Clinton, wiens tweede naam Jefferson is, zijn inaugurale festiviteiten in 1993 begon in Monticello. De symbolische waarde daarvan was duidelijk voor iedere Amerikaan. Zo leeft Jefferson voort, 250 jaar na zijn geboorte, die dit jaar uitgebreid wordt gevierd.